Hulp nodig bij de keuze van het product?
De juiste lengte bepalen van een snowboard:
De lengte van een snowboard moet ongeveer net zolang zijn als uzelf tot ongeveer uw kin. Dus u bent bijvoorbeeld 155 cm van de grond tot uw kin, dan is dat ook de lengte van uw board.
Vaak wordt hier iets van af geweken, dat komt doordat beginners vaak moeite hebben met het draaien van frontside naar backside op een snowboard. Als u in dat geval een wat kleiner board neemt, dus tussen de ca. 145 en 154cm bent u meer wendbaar. Daardoor krijgt u sneller de techniek van het draaien onder de knie.
Ervaren boarders willen vaak wat meer snelheid opbouwen, in dat geval kiest u een board die wat langer is, bijvoorbeeld 156 tot 165 cm. Hoe groter het board, hoe meer snelheid je kunt opbouwen.
Freeride of freestyle?
Freestyle
Freestyle boards zijn uitermate geschikt om mee in de halfpipe of in een boarderpark te rijden. De meeste freestyle boards zijn ofwel 'twin tip'-boards of 'directional twin'. De eerste, twin-tip, heeft inserts in het midden van de plank. U staat dus met uw voeten even ver van uw tail (de achterkant van je board) als uw nose (de 'neus' van je board), die beiden identiek zijn. Een directional twin ziet er vrijwel hetzelfde uit als een twin tip. Het verschil zit 'm in de veerkracht; de tail is een stukje stijver dan uw nose.
Over het algemeen zijn freestyle boards een stukje buigzamer dan freeride- of alpine boards. Hierdoor buigt het board zichzelf als het ware over bobbels en is makkelijker om bochtjes mee te draaien. Voor beginners is een freestyle board een goede instap.
Freeride
Met een freeride board ligt de hele berg aan uw voeten (met name op de top). Dit board is all-round en een kruising tussen de twee voorgaande boards. Zowel geschikt in het park als voor op de piste of ernaast. De vorm is 'directional' wat inhoud dat de nose en de tail niet gelijk zijn. De tail is over het algemeen een stukje smaller, platter en korter dan de nose. Desondanks is er goed 'fakie' ofwel achterstevoren mee te rijden. De inserts - die bij het freestyle board middenin zaten - zijn een stukje richting tail verschoven om in de poeder de balans van uw lichaam iets naar achteren te laten doorslaan. Hierdoor heeft u een betere controle over het board. Maar dat hoort allemaal niet thuis in deze klas. Terug naar de les; een freeride board is een prima keuze wanneer je voor het eerst in de bindingen stapt.
Freestyle
Freestyle boards zijn uitermate geschikt om mee in de halfpipe of in een boarderpark te rijden. De meeste freestyle boards zijn ofwel 'twin tip'-boards of 'directional twin'. De eerste, twin-tip, heeft inserts in het midden van de plank. U staat dus met uw voeten even ver van uw tail (de achterkant van je board) als uw nose (de 'neus' van je board), die beiden identiek zijn. Een directional twin ziet er vrijwel hetzelfde uit als een twin tip. Het verschil zit 'm in de veerkracht; de tail is een stukje stijver dan uw nose.
Over het algemeen zijn freestyle boards een stukje buigzamer dan freeride- of alpine boards. Hierdoor buigt het board zichzelf als het ware over bobbels en is makkelijker om bochtjes mee te draaien. Voor beginners is een freestyle board een goede instap.
Freeride
Met een freeride board ligt de hele berg aan uw voeten (met name op de top). Dit board is all-round en een kruising tussen de twee voorgaande boards. Zowel geschikt in het park als voor op de piste of ernaast. De vorm is 'directional' wat inhoud dat de nose en de tail niet gelijk zijn. De tail is over het algemeen een stukje smaller, platter en korter dan de nose. Desondanks is er goed 'fakie' ofwel achterstevoren mee te rijden. De inserts - die bij het freestyle board middenin zaten - zijn een stukje richting tail verschoven om in de poeder de balans van uw lichaam iets naar achteren te laten doorslaan. Hierdoor heeft u een betere controle over het board. Maar dat hoort allemaal niet thuis in deze klas. Terug naar de les; een freeride board is een prima keuze wanneer je voor het eerst in de bindingen stapt.
Het kiezen van de juiste maat softboot:
Dit is heel envoudig te bepalen, neem een vel papier, zet hier uw voet op en trek met een pen een lijntje om uw voet heen. Meet de maat van uw hak tot het puntje van uw grote teen in milimeters en u krijgt uw MP size. Deze maat wordt omgerekend naar een Europese maat, bijvoorbeeld uw voet is 285 mm groot, dan krijgt u MP size 290 dus maat 44. In de meeste sportschoenen staat deze maat al aangegeven in de tong. De maat staat soms als MP, soms als CM aangegeven. In het voorbeeld hiervoor zou dat dus MP290 of CM29 kunnen zijn.


